Kanban is een Lean-methode die een pull-systeem ondersteunt: werk wordt pas opgepakt wanneer er capaciteit is. Het woord betekent “visueel maken” en komt uit de productie-industrie, waar kaartjes werden gebruikt om werkstromen en voorraden te sturen.
Tegenwoordig wordt Kanban vaak gebruikt via een bord met kolommen zoals To do, Doing en Done. Taken worden als kaartjes weergegeven, zodat je snel ziet wat er speelt en waar werk vastloopt.
Kanban draait op een aantal kernprincipes die samen zorgen voor overzicht en rust in het werk:
1. Visualisatie
Werk zichtbaar maken op een bord (digitaal of fysiek), zodat iedereen direct ziet wat de status is en waar knelpunten ontstaan.
2. Beperken van werk in uitvoering (WIP)
Niet te veel tegelijk doen. Door het aantal lopende taken te beperken, voorkom je chaos en houd je focus.
3. Flow beheren
Het doel is om werk soepel en continu door het proces te laten bewegen, zonder onnodige vertragingen of stilstand.
4. Feedback en continu verbeteren
Regelmatig samen kijken hoe het gaat, wat beter kan en waar het proces slimmer kan. Kleine aanpassingen, steeds opnieuw.
Kort gezegd: Kanban helpt je om werk niet alleen beter te organiseren, maar vooral ook rustiger, overzichtelijker en efficiënter te laten verlopen. Je kan er makkelijker (juiste) beslissingen door maken.
Meer begrijpen over Kanban (als onderdeel van Lean) of over Lean zelf en het plaatje van Lean beter begrijpen? Zie ons trainingsaanbod!